ECLI:NL:CRVB:2006:AY7823
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van WAO-dagloonberekening zonder toeslagen en gratificatieverhoging
Appellant, voormalig werknemer bij NedCar B.V., kreeg bij besluit van het UWV een WAO-uitkering toegekend met een vastgesteld dagloon. Hij verzocht later om herberekening van het dagloon waarbij hij stelde dat toeslagen zoals CAO-toeslag, tintoeslag, vuilwerktoeslag, overuren en gratificatie onvoldoende waren meegenomen.
De rechtbank vernietigde een bezwaarbesluit van het UWV omdat het bezwaar ten onrechte als te laat werd beschouwd, maar handhaafde de hoogte van het dagloon. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep de rechtbankuitspraak. De Raad overwoog dat appellant onvoldoende bewijs leverde voor het ontvangen van bepaalde toeslagen en dat het UWV redelijkerwijs mocht uitgaan van een reiskostenvergoeding van f 1008 per jaar.
De Raad wees ook het argument af dat zes extra vakantiedagen tot een hoger dagloon zouden leiden, omdat het vaste maandloon daardoor niet wijzigt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het WAO-dagloon terecht is vastgesteld zonder toeslagen en gratificatieverhoging.