ECLI:NL:CRVB:2006:AY7831
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing herzieningsverzoek WAO-uitkering wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellante, voormalig agrarisch medewerkster, meldde zich in januari 2000 arbeidsongeschikt vanuit een Ww-uitkeringssituatie. Na medisch onderzoek werd zij in staat geacht om lichte, zittende arbeid te verrichten, waarna haar WAO-uitkering per 18 januari 2001 werd geweigerd.
Appellante verzocht om herziening van dit besluit met onderbouwing door een rapport van een spiritueel centrum, dat door verzekeringsartsen werd afgewezen vanwege het ontbreken van reguliere medische onderbouwing en vertaling naar functionele beperkingen. Latere rapporten en aanvullingen werden eveneens niet als nieuwe feiten erkend.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond wegens het ontbreken van nieuwe feiten in de zin van artikel 4:6 Awb Pro. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel, wijst op de zorgvuldige beoordeling door de bezwaarverzekeringsarts en bevestigt dat geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn gebleken die herziening rechtvaardigen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van het herzieningsverzoek wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.