ECLI:NL:CRVB:2006:AY8063
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.Th. Wolleswinkel
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Ontslag ambtenaar wegens plichtsverzuim door werkweigering na hersteldverklaring
Appellant was werkzaam als assistent medewerker tuinonderhoud bij de Dienst Stadsbeheer van de Gemeente Utrecht. Na hersteldverklaring op 28 april 2003 door de bedrijfsarts, weigerde appellant zijn werkzaamheden te hervatten, ondanks herhaalde waarschuwingen en een sommatie. Het College van burgemeester en wethouders van Utrecht handhaafde het ontslagbesluit wegens plichtsverzuim.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het ontslagbesluit ongegrond. Appellant stelde dat hij te ziek was om te werken vanwege pesterijen door zijn leidinggevende, maar dit werd door het College gemotiveerd weersproken met verklaringen van een personeelsfunctionaris. De Raad vond geen aanleiding om daaraan te twijfelen.
Verder bleek uit de stukken dat appellant sinds juni 2001 herhaaldelijk niet was teruggekeerd na hersteldverklaring, nieuwe ziekmeldingen deed en niet opgeroepen werd door de bedrijfsarts. Dit gedrag werd gezien als doorgaand plichtsverzuim. De Raad oordeelde dat het ontslag niet onevenredig was en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens plichtsverzuim wordt bevestigd.