ECLI:NL:CRVB:2006:AY8117
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.Th. Wolleswinkel
- R. Kooper
- K.J. Kraan
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens frauduleus handelen door conducteur bij GVB
Appellant, werkzaam als conducteur bij het GVB, werd ontslagen wegens ernstig plichtsverzuim na een incident op 3 mei 2003 waarbij hij volgens getuigen vervoerbewijzen niet aan een groep van 15 Engels sprekende vrouwen verstrekte. Hoewel appellant stelde dat hij alle kaartjes aan de laatste vrouw had gegeven, oordeelde de Raad dat dit niet geloofwaardig was gezien de omstandigheden en eerdere berispingen.
De verklaring van een passagier die de gang van zaken observeerde en het feit dat het niet druk was in de tram, maakten het onwaarschijnlijk dat appellant de kaartjes op de door hem beschreven wijze had verstrekt. Het College en de Raad benadrukten het belang van integriteit en zorgvuldigheid bij conducteurs, gezien hun zelfstandige en publieke functie.
De Raad vond het ontslag als disciplinaire straf passend en niet onevenredig, mede vanwege de eerdere berisping van appellant. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ontslag van appellant wordt bevestigd.