ECLI:NL:CRVB:2006:AY8232
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- M.S.E. Wulffraat-van Dijk
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Herroeping intrekking WAO-uitkering afgewezen wegens onvoldoende medische onderbouwing
Appellante, voorheen gordijnennaaister, kreeg een WAO-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid. Het UWV trok deze uitkering per 23 september 2003 in na een medisch onderzoek dat een toename van beperkingen niet bevestigde. De rechtbank vernietigde dit besluit vanwege onvoldoende motivering van de geschiktheid van geselecteerde functies.
In hoger beroep bestreed appellante het oordeel over de medische onderbouwing en vorderde zij schadevergoeding. Het UWV overlegde aanvullend arbeidsdeskundig rapport waarin één functie ongeschikt werd verklaard, maar drie andere functies passend bleken, met een arbeidsongeschiktheidspercentage onder 15%.
De Raad concludeerde dat de medische gegevens, waaronder die van de behandelend reumatoloog, geen aanwijzingen gaven voor toegenomen beperkingen. De drie functies bleken geschikt, waardoor het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering terecht was. De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering blijft in stand.