ECLI:NL:CRVB:2006:AY8628
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding bij ziektekostenverzekering
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van Amicon waarin werd vastgesteld dat hij en zijn gezin ten onrechte als ziekenfondsverzekerden stonden ingeschreven, met een naheffing van €3.124,38 tot gevolg. Het bezwaar werd ingediend na de wettelijke termijn van zes weken. De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de termijn en oordeelde dat deze overschrijding niet verschoonbaar was.
In hoger beroep betwistte appellant deze niet-ontvankelijkverklaring. De Centrale Raad van Beroep bevestigde het oordeel van de rechtbank. De Raad stelde vast dat het besluit op 3 juni 2004 aan appellant was verzonden, waardoor de termijn voor het indienen van bezwaar op 4 juni 2004 begon en eindigde op 15 juli 2004. Het bezwaarschrift werd pas op 16 juli 2004 per fax ontvangen, waardoor de termijn was overschreden.
De Raad overwoog dat de wettelijke regels omtrent de termijn en de voorwaarden voor verschoonbaarheid strikt zijn en dat in dit geval geen reden was om het verzuim te verontschuldigen. Daarom werd de niet-ontvankelijkverklaring gehandhaafd. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het bezwaar van appellant wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn.