ECLI:NL:CRVB:2006:AY8754
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling correctie- en boetenota's en organisatiekosten personeelsactiviteiten
In deze zaak stond de beoordeling centraal van correctie- en boetenota's over de premiejaren 2000 tot en met 2002, waarbij het UWV opzet of grove schuld aan de boetenota's ten grondslag had gelegd. De rechtbank vernietigde het besluit van het UWV voor zover het de boetenota's betrof wegens onvoldoende onderzoek en ondeugdelijke motivering.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV terecht de boetenota 2000 handhaafde omdat uit het looncontrolerapport bleek dat bepaalde grootboekrekeningen niet ter sprake waren en dat activiteiten ten behoeve van personeel niet aan de orde waren, waardoor de kwalificatie opzet/grove schuld gerechtvaardigd was. Voor de boetenota's 2001 en 2002 vernietigde de Raad de besluiten en verklaarde het beroep gegrond.
Daarnaast werd bevestigd dat organisatiekosten van externe organisatiebureaus voor personeelsactiviteiten als relevante kosten worden beschouwd, conform het besluit van de Staatssecretaris van Financiën en vakliteratuur. Het UWV werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: De boetenota 2000 wordt bevestigd, de boetenota's 2001 en 2002 worden vernietigd en het UWV wordt veroordeeld in proceskosten en griffierecht.