ECLI:NL:CRVB:2006:AZ1587
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk na intrekking bezwaar tegen weigering WAO-uitkering
Appellant had bij besluit van 10 juni 2003 een WAO-uitkering geweigerd gekregen omdat de arbeidsongeschiktheid minder dan 15% bedroeg. Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank Maastricht die het beroep ongegrond verklaarde, stelde appellant hoger beroep in bij de Centrale Raad van Beroep.
Het UWV heeft vervolgens bij een nieuw besluit op bezwaar van 12 september 2006 het oorspronkelijke standpunt ingetrokken en de WAO-uitkering toegekend met ingang van 9 juni 2003 in de klasse 80 tot 100%. Appellant bevestigde dat hiermee geheel aan zijn bezwaren werd voldaan en verzocht het hoger beroep gegrond te verklaren en het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De Raad oordeelde dat het belang bij een beoordeling van het bestreden besluit was komen te vervallen en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk. Tevens veroordeelde de Raad het UWV in de proceskosten van appellant en bepaalde dat het betaalde griffierecht aan appellant wordt vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en het UWV wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten en vergoeding van het griffierecht.