ECLI:NL:CRVB:2006:AZ1712
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Bevestiging WAO-uitkeringsbesluit ondanks discussie over arbeidsongeschiktheid en functietoewijzing
Appellante heeft een WAO-uitkering toegekend gekregen met ingang van 15 februari 2000, berekend op een arbeidsongeschiktheidspercentage van 15 tot 25%. Het UWV verklaarde het bezwaar van appellante tegen deze schatting ongegrond, waarna ook de rechtbank Rotterdam dit besluit bevestigde. In hoger beroep betoogde appellante dat de functie van assemblagemedewerker niet adequaat was betrokken in de schatting van de arbeidsongeschiktheid.
De Raad oordeelde dat het UWV met aanvullende rapportages van de bezwaararbeidsdeskundige deze functie alsnog voldoende had betrokken en dat het besluit op goede gronden was genomen. Medisch onderzoek door verzekeringsartsen en aanvullende informatie van huisartsen en psychiaters vormden een degelijke basis voor de beoordeling van de gezondheidstoestand van appellante.
De Raad hechtte geen waarde aan de niet-medisch onderbouwde mening van appellante over haar gezondheid en constateerde dat zij geen aanvullend medisch bewijs had overgelegd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het UWV-besluit en verklaart het beroep van appellante ongegrond.