ECLI:NL:CRVB:2006:AZ1937
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Herroeping intrekking WAO-uitkering en vergoeding wettelijke rente
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering per 25 maart 2003 in te trekken wegens vermeende vermindering van arbeidsongeschiktheid tot minder dan 15%. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep heeft het UWV echter aangegeven het besluit niet langer te handhaven en de uitkering ongewijzigd voort te zetten met een arbeidsongeschiktheidsklasse van 80 tot 100%.
De Centrale Raad van Beroep vernietigt daarop de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit. De Raad herroept het primaire besluit van 17 maart 2003 en bepaalt dat appellante vanaf 25 maart 2003 ongewijzigd wordt ingedeeld in de arbeidsongeschiktheidsklasse van 80 tot 100%.
Verder wordt het UWV veroordeeld tot vergoeding van de wettelijke rente over de te laat betaalde uitkering en tot betaling van de proceskosten voor bezwaar, beroep en hoger beroep, in totaal €1.288,--, alsmede het betaalde griffierecht van €139,--. De Raad verwijst voor de berekening van de rente naar eerdere jurisprudentie.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt vernietigd en de uitkering wordt ongewijzigd voortgezet met een arbeidsongeschiktheidsklasse van 80 tot 100%.