ECLI:NL:CRVB:2006:AZ1957
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- F.J.L. Pennings
- Rechtspraak.nl
Hoofdelijk aansprakelijk voor niet betaalde premies sociale werknemersverzekeringswetten
Appellant, het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV), stelde betrokkenen hoofdelijk aansprakelijk voor de premies sociale werknemersverzekeringswetten over de jaren 2001 en 2002. Betrokkenen voerden aan geen zaken te hebben gedaan met de primair premieschuldige uitzendonderneming en betwistten het inlenen van personeel van deze onderneming.
De rechtbank Alkmaar verklaarde de beroepen van betrokkenen gegrond en vernietigde de aansprakelijkstellingen, omdat onvoldoende was aangetoond dat betrokkenen zaken hadden gedaan met de primair premieschuldige onderneming. In hoger beroep stelde appellant dat uit diverse bewijsstukken, waaronder een proces-verbaal van getuigenverhoor en facturen, onomstotelijk bleek dat betrokkenen personeel inleen van de primair premieschuldige onderneming.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het hanteren van hetzelfde e-mailadres en het inlenen van arbeidskrachten sterke aanwijzingen zijn dat betrokkenen feitelijk zaken deden met de primair premieschuldige onderneming. De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep van appellant gegrond, waarbij de aansprakelijkstelling standhoudt. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep van het UWV gegrond en houdt betrokkenen hoofdelijk aansprakelijk voor de niet betaalde premies.