ECLI:NL:CRVB:2006:AZ2535
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- J.Th. Wolleswinkel
- G.F. Walgemoed
- Rechtspraak.nl
Beëindiging tijdelijk dienstverband en nieuwe tijdelijke aanstelling bij ambtenaar
Appellante was tijdelijk aangesteld bij het Bureau van de [naam Bureau] en kreeg na kritiek op haar functioneren geen vast dienstverband. Er werden afspraken gemaakt over het beëindigen van haar tijdelijke aanstelling en een nieuwe tijdelijke aanstelling voor zes maanden, bevestigd in een brief van het bestuur. Appellante stelde in hoger beroep dat zij niet met deze afspraken had ingestemd en dat zij niet gemachtigd had om mr. F. als haar vertegenwoordiger aan te wijzen.
De Raad stelde vast dat de afspraken als een nadere regeling binnen de ambtenaarrechtelijke rechtsverhouding gelden en dat appellante, die juridische bijstand had, niet onvrijwillig had ingestemd. De Raad oordeelde dat het bestuur mr. F. terecht als gemachtigde mocht beschouwen en dat de afspraken bindend zijn. De brief waarin werd medegedeeld dat het tijdelijke dienstverband van rechtswege was geëindigd, bevatte geen zelfstandig besluit, maar de nieuwe tijdelijke aanstelling wel.
De Raad vernietigde het eerdere vonnis voor zover het anders oordeelde over de brief van 18 augustus 2003 en verklaarde het bezwaar tegen de nieuwe tijdelijke aanstelling ongegrond. Tevens veroordeelde de Raad het bestuur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de nieuwe tijdelijke aanstelling wordt ongegrond verklaard en het beroep wordt voor het overige ongegrond verklaard.