ECLI:NL:CRVB:2006:AZ3577
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep inzake terugvordering WAO-uitkering en proceskostenveroordeling
Appellant stelde hoger beroep in tegen uitspraken van de rechtbank Utrecht betreffende kortingen en terugvorderingen op zijn WAO-uitkeringen over verschillende perioden. Het UWV had bij besluiten kortingen toegepast en onverschuldigd betaalde uitkeringen teruggevorderd, welke door de rechtbanken grotendeels werden bevestigd of vernietigd.
In hoger beroep nam het UWV een nieuw besluit waarin het bezwaar van appellant deels werd gegrond verklaard en tegemoetgekomen werd aan zijn bezwaren. Hierdoor verloor appellant zijn inhoudelijk belang bij verdere behandeling van het hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een procesbelang en veroordeelde het UWV tot vergoeding van de proceskosten van appellant in beroep en hoger beroep, inclusief het griffierecht. De uitspraak werd gedaan door J. Janssen op 24 november 2006.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten.