ECLI:NL:CRVB:2006:AZ4844
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering terugkomen op AAW-uitkeringsbesluit wegens ontbreken nieuwe feiten
Appellant verzocht het UWV om terug te komen op het besluit van 12 juli 1990 waarbij zijn AAW-uitkering werd geweigerd. Dit verzoek was gebaseerd op medische rapporten van zenuwarts-psychiaters die appellant meende nieuwe feiten of omstandigheden bevatten.
Het UWV wees het verzoek af omdat uit onderzoek bleek dat de medische rapporten geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatten, maar slechts een nadere interpretatie van reeds bekende feiten. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde deze uitspraak.
De Raad oordeelde dat op grond van artikel 4:6 Awb Pro een verzoek tot terugkomen op een besluit alleen kan worden gehonoreerd indien sprake is van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden. De ingediende rapporten voldeden hier niet aan. Het UWV heeft derhalve terecht het verzoek afgewezen en heeft niet onrechtmatig gehandeld.
De uitspraak bevestigt dat medische herbeoordelingen die geen nieuwe feiten aan het licht brengen niet leiden tot herziening van eerdere bestuursbesluiten. De Raad achtte geen gronden aanwezig voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De aangevallen uitspraak is bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van het UWV om terug te komen op het eerdere besluit tot weigering van de AAW-uitkering wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.