ECLI:NL:CRVB:2006:AZ5001
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.Th. Wolleswinkel
- R. Kooper
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens wangedrag van beroepsmilitair na verduistering
Appellant, een luitenant-kolonel en commandant garnizoenscommando, werd veroordeeld voor verduistering en veroordeeld tot een taakstraf. Hij werd ontslagen wegens wangedrag op grond van artikel 39 AMAR Pro. Het bezwaar tegen het ontslagbesluit werd in eerste aanleg ongegrond verklaard.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij integer handelde met instemming van zijn meerdere en dat de regelgeving niet duidelijk was. Tevens stelde hij dat een herseninfarct een verzachtende omstandigheid vormde en dat het ontslagbesluit disproportioneel was, mede gezien het advies tot functioneel leeftijdsontslag.
De Raad oordeelde dat de strafrechtelijke veroordeling voldoende grond gaf voor wangedrag en dat instemming niet was aangetoond. Ook werd het beroep op medische omstandigheden verworpen. Het ontslag werd niet als disproportioneel beschouwd, mede vanwege de ernstige aard van de feiten en het misbruik van een voorbeeldfunctie. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en het ontslag wegens wangedrag wordt bevestigd.