ECLI:NL:CRVB:2006:AZ5233
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verschoonbaarheid termijnoverschrijding bij bezwaar studiefinanciering
Appellant maakte bezwaar tegen een besluit van de IB-Groep waarbij zijn studiefinanciering werd omgezet in een beurs vanwege een verschil in woonadresregistratie. Dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn. Appellant stelde in hoger beroep dat hij door depressieve klachten en het ontbreken van tijdige beschikking over een huurovereenkomst niet in staat was tijdig bezwaar te maken.
De Raad overwoog dat de bezwaartermijn evident was overschreden en richtte zich op de vraag of deze overschrijding verschoonbaar was. Uit de verklaring van de psychologe bleek niet dat de psychische toestand van appellant hem volledig verhinderde om een bezwaarschrift in te dienen of te laten indienen. Ook het argument dat het huurcontract te laat was ontvangen, bood geen voldoende grond, omdat het contract gedateerd was op 1 oktober 2003 en de GBA-registratie pas op 2 maart 2004 plaatsvond, ruim na het verstrijken van de termijn.
De Raad concludeerde dat de overschrijding van de termijn niet verschoonbaar was en bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank. Er werd geen aanleiding gezien voor vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Hoger beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn.