ECLI:NL:CRVB:2006:BK7566
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.Th. Wolleswinkel
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag wegens plichtsverzuim na intrekking WAO-uitkering
Appellante was werkzaam in het personeelsrestaurant van het Academisch Ziekenhuis Maastricht en viel uit wegens knieklachten. Na toekenning van een WAO-uitkering werd zij per 21 augustus 2002 weer volledig arbeidsgeschikt geacht voor haar eigen werk. Ondanks herhaalde oproepen om haar werkzaamheden te hervatten, meldde zij zich ziek wegens een allergische reactie, die slechts enkele dagen werd geaccepteerd door de bedrijfsarts.
Na herstelverklaring op 26 augustus 2002 verscheen appellante niet op haar werk en meldde zich niet volgens de voorschriften ziek. Gedaagde stelde haar aansprakelijk voor ernstig plichtsverzuim en legde haar ontslag met onmiddellijke ingang op. Appellante verscheen niet op de verantwoordingsgesprekken en gaf geen medische reden voor haar afwezigheid.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad stelt vast dat appellante bewust het risico nam op ontslag door niet te voldoen aan haar verplichtingen, mede gezien haar aanzienlijke ziekteverzuim en geringe bereidheid tot werkhervatting. Een voorwaardelijk ontslag zou niet het gewenste effect sorteren. Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het ontslag wegens ernstig plichtsverzuim wordt bevestigd en het hoger beroep wordt verworpen.