ECLI:NL:CRVB:2007:AZ6441
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Vergoeding proceskosten en wettelijke rente na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming UWV
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank ’s-Hertogenbosch inzake een WAO-zaak. Vervolgens trok appellant het hoger beroep in, omdat het UWV geheel aan zijn beroepschrift was tegemoetgekomen. Het UWV stemde in met de intrekking en de vergoeding van proceskosten.
De Raad besloot het onderzoek ter zitting achterwege te laten en sloot het onderzoek. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet oordeelde de Raad dat het UWV de proceskosten van appellant moest vergoeden, begroot op €644,-, inclusief een eerdere vergoeding die de rechtbank had toegekend maar niet aan appellant had vergoed.
Daarnaast veroordeelde de Raad het UWV tot betaling van wettelijke rente over de na te betalen uitkering, conform eerdere jurisprudentie. Het verzoek om vergoeding van griffierecht werd eveneens in aanmerking genomen op basis van toezegging van het UWV.
De uitspraak werd gedaan door rechter C.W.J. Schoor en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en wettelijke rente na intrekking van het hoger beroep wegens tegemoetkoming.