ECLI:NL:CRVB:2007:AZ6737
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beslissing UWV over verlaging WAZ-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid
Appellant stelde hoger beroep in tegen het besluit van het UWV om zijn WAZ-uitkering te verlagen naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 45 tot 55%. De rechtbank Zutphen had het beroep ongegrond verklaard, en ook de Centrale Raad van Beroep bevestigt deze uitspraak.
De Raad heeft het beschikbare medische en andere bewijs zorgvuldig beoordeeld en vond geen aanleiding om te twijfelen aan het medische oordeel waarop het UWV zijn besluit baseerde. Appellant heeft geen aanvullende medische gegevens overgelegd die zouden aantonen dat zijn beperkingen ernstiger zijn dan reeds vastgesteld.
Op grond van de juistheid van de vastgestelde belastbaarheid acht de Raad geen reden om te veronderstellen dat de aan appellant voorgehouden functies medisch ongeschikt zijn. De Raad ziet geen grond voor toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Daarom wordt de aangevallen uitspraak van de rechtbank bevestigd en blijft de verlaging van de uitkering gehandhaafd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verlaging van de WAZ-uitkering van appellant.