ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7043
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit geen recht op ziekengeld na herstelverklaring
Appellant, voormalig administratief medewerker bij de Staatsdrukkerij, meldde zich ziek op 17 februari 2003 na een operatie aan zijn linkerschouder. Hij had daarnaast diabetes mellitus en epilepsie. Een verzekeringsarts stelde op 18 juni 2003 vast dat de beweeglijkheid van zijn schouder verbeterde en verklaarde hem per 23 juni 2003 hersteld. Het UWV besloot daarom dat appellant vanaf die datum geen recht meer had op ziekengeld.
In de bezwaarprocedure bevestigde een bezwaarverzekeringsarts dat appellant ondanks lichte epilepsie-aanvallen en schouderklachten geschikt was voor licht administratief werk zonder bovenhands werken. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en hechtte waarde aan het oordeel van de bezwaarverzekeringsarts.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het werk bij de Staatsdrukkerij, waar appellant 19 jaar werkte, als maatstaf voor arbeid terecht was gehanteerd. De medische rapportage van neuroloog G.J. de Haan bevestigde dat appellant niet langdurig geconcentreerd kon werken en risicovolle werkzaamheden moest vermijden, maar wel geschikt was voor administratief werk zonder tijdsdruk. De Raad bevestigde het bestreden besluit en sprak geen proceskostenveroordeling uit.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant sinds 23 juni 2003 geen recht meer had op ziekengeld.