ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7045
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ziekengeld wegens spanningsklachten zonder medische belemmering
Appellant, voormalig touringcarchauffeur, meldde zich wegens spanningsklachten ziek en had een dienstverband dat per 1 januari 2004 eindigde. Na herstelverklaring door een verzekeringsarts werd appellant weer geschikt geacht voor werk, maar meldde zich later opnieuw ziek. Het UWV besloot het recht op ziekengeld te beëindigen per 5 november 2004.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar de bezwaarverzekeringsarts onderschreef het standpunt van de primaire arts. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond, omdat er geen reden was om aan de medische bevindingen te twijfelen.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft deze beoordeling. Uit medische rapporten blijkt dat de spanningsklachten samenhingen met een arbeidsconflict maar geen medische reden vormden om het werk niet te verrichten. Appellants stelling dat hij niet kon werken is niet medisch onderbouwd. Daarom wordt de aangevallen uitspraak bevestigd en wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van ziekengeld wegens het ontbreken van medische belemmering.