ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7195
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- M.C.M. van Laar
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering AAW/WAO-uitkering wegens niet gemelde inkomsten uit arbeid
De zaak betreft het hoger beroep van de erven van betrokkene tegen een uitspraak van de rechtbank Dordrecht die de terugvordering van AAW- en WAO-uitkeringen door het UWV bevestigde. Betrokkene ontving arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, maar een fraudeonderzoek toonde aan dat zij arbeid verrichtte in meerdere besloten vennootschappen en inkomsten genoot die niet aan het UWV waren gemeld.
De rechtbank stelde vast dat betrokkene organisatorische en leidinggevende werkzaamheden verrichtte binnen de ondernemingen, en dat de verdeling van inkomsten gelijk tussen haar en haar echtgenoot redelijk was, mede omdat appellanten onvoldoende bewijs leverden voor een andere verdeling. De Raad achtte de berekening en toedeling van het UWV niet onredelijk en verwierp het beroep van appellanten.
Daarnaast werd een grief over het niet volledig kunnen beschikken over het frauderapport als te laat en onvoldoende onderbouwd beoordeeld, waardoor deze niet werd behandeld. De Raad bevestigde dat betrokkene geen recht had op de uitkeringen vanaf de genoemde data en dat de terugvordering terecht was. De uitspraak werd in het openbaar gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 16 januari 2007.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van te veel ontvangen AAW- en WAO-uitkeringen wegens niet gemelde inkomsten uit arbeid.