ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7199
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- G. van der Wiel
- N.J. van Vulpen - Grootjans
- Rechtspraak.nl
Beoordeling arbeidsverhouding freelance standbouwers en verzekeringsplicht
Betrokkene exploiteert sinds 27 maart 2001 een standbouwbedrijf, daarvoor als eenmanszaak gedreven. Tijdens een looncontrole over 1998-2002 concludeerde de looninspecteur dat de freelance standbouwers als werknemers in privaatrechtelijke dienstbetrekking werkten, wat leidde tot correctie- en boetenota’s en een verzuimregistratie. Betrokkene voerde aan dat de freelancers zelfstandig werkten, eigen werktijden bepaalden, eigen gereedschap en vervoer gebruikten en meerdere opdrachtgevers hadden.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit deels wegens onvoldoende onderzoek, met name over de jaren 2001 en 2002, en beval hernieuwde besluitvorming. De Centrale Raad onderschrijft dat de nota’s over 1998-2000 terecht op naam van betrokkene zijn gesteld vanwege overgang van onderneming. Tegelijkertijd oordeelt de Raad dat niet voor alle 19 freelancers kan worden vastgesteld dat zij onder gezag van betrokkene werkten, mede gezien hun zelfstandige werkwijze en beperkte inzet.
De Raad benadrukt dat aanwijzingsbevoegdheid slechts leidt tot een arbeidsovereenkomst als deze algemeen van aard is en niet beperkt tot de opdracht. Gezien de omstandigheden en het betoog van betrokkene is onvoldoende vastgesteld dat alle freelancers onder een privaatrechtelijke dienstbetrekking vielen. De aangevallen uitspraak wordt deels vernietigd en deels bevestigd, met de verplichting aan appellant om opnieuw te beslissen over alle correctie- en boetenota’s en verzuimregistratie. Tevens wordt appellant veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De Centrale Raad vernietigt deels en bevestigt deels de uitspraak en beveelt hernieuwde besluitvorming over alle correctie- en boetenota’s en verzuimregistratie.