ECLI:NL:CRVB:2007:AZ7867
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep door UWV en proceskostenveroordeling
De Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. Op 21 juni 2006 trok het UWV het hoger beroep in. De Centrale Raad van Beroep bepaalde daarop dat het onderzoek ter zitting achterwege bleef en sloot het onderzoek.
Volgens artikel 21a van de Beroepswet kan een bestuursorgaan dat het hoger beroep intrekt op verzoek van een partij worden veroordeeld in de proceskosten. Werkgeefster verzocht om vergoeding van de kosten die zij in hoger beroep had moeten maken. De Raad overwoog dat de rechtbank al een beslissing had genomen over de proceskosten in eerste aanleg en dat alleen de in hoger beroep gemaakte kosten nog ter beoordeling stonden.
De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van de proceskosten van werkgeefster, begroot op €322,-, conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. Het vonnis werd uitgesproken door rechter Ch. van Voorst op 31 januari 2007, in aanwezigheid van griffier J.J. Janssen.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van €322,- aan proceskosten aan werkgeefster na intrekking van het hoger beroep.