ECLI:NL:CRVB:2007:AZ8106
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- B.J. van der Net
- Rechtspraak.nl
Bevestiging premiecorrecties en boetenota’s wegens ontbreken kopieën identiteitsbewijzen in loonadministratie
In deze zaak gaat het om het hoger beroep van appellant tegen een uitspraak van de rechtbank Assen waarin premiecorrecties en boetenota’s zijn opgelegd vanwege het ontbreken van kopieën van identiteitsbewijzen in de loonadministratie. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) had bij een controle geconstateerd dat voor een aanzienlijk aantal werknemers over de jaren 1998 tot en met 2002 geen kopieën van identiteitsbewijzen aanwezig waren.
Ondanks herhaalde kansen tot herstel van deze omissie in april en mei 2003, heeft appellant dit verzuim niet voldoende opgeheven. De Raad oordeelt dat appellant niet heeft voldaan aan de administratieve verplichting zoals bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht, namelijk het direct opnemen van kopieën van identiteitsbewijzen bij aanvang van het dienstverband.
De Raad wijst erop dat het niet aan het Uwv is om zelf onderzoek te doen naar de identiteit van werknemers op de werkvloer en dat appellant als werkgever verantwoordelijk is voor het zoekraken van gegevens. Bovendien zijn de in hoger beroep alsnog overgelegde identiteitsbewijzen te laat ingediend om het verzuim te herstellen. De rechtbank heeft daarom terecht de correctienota’s en boetenota’s op basis van het anoniementarief bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de premiecorrecties en boetenota’s wegens het ontbreken van kopieën van identiteitsbewijzen in de loonadministratie.