ECLI:NL:CRVB:2007:AZ8610
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten afwijzing duwrolstoel en begeleiderspas wegens rechtmatig verblijf en bijzondere omstandigheden
Appellante, volledig rolstoelgebonden en afkomstig uit Servië en Montenegro, had een verblijfsvergunning voor bepaalde en vervolgens onbepaalde tijd. Zij vroeg bij het College een duwrolstoel en begeleiderspas aan, welke werden afgewezen omdat zij volgens het College niet rechtmatig verbleef en er geen medische noodzaak was voor begeleiding.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat artikel 4 van Pro de Wvg aan toekenning in de weg stond. In hoger beroep stelde appellante dat zij wel rechtmatig verblijf had op grond van de Vreemdelingenwet. De Raad oordeelde dat appellante achteraf bezien rechtmatig verbleef in de relevante periode en dat het College onjuist had geoordeeld.
Verder oordeelde de Raad dat het beleid van het College dat een medische noodzaak vereist voor een begeleiderspas niet onredelijk is, maar dat in dit bijzondere geval, gezien de financiële situatie van appellante en haar moeder, het niet mogelijk was dat haar moeder tegen betaling meereisde. Dit rechtvaardigt een uitzondering.
Daarom vernietigt de Raad de besluiten van het College en beveelt dat nieuwe besluiten worden genomen, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak. Tevens veroordeelt de Raad het College in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: De besluiten van het College worden vernietigd en het College wordt opgedragen nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van deze uitspraak.