ECLI:NL:CRVB:2007:AZ9572
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen WAZ-uitkeringsbesluit inzake arbeidsongeschiktheid na rugoperatie
Appellant, voormalig zelfstandige in een groente- en fruitwinkel, meldde zich in 1992 ziek vanwege rugklachten na een auto-ongeval en onderging een operatie. Na diverse procedures werd hem een WAZ-uitkering toegekend, berekend op 80-100% arbeidsongeschiktheid, later volledig arbeidsongeschikt.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. In hoger beroep herhaalde appellant zijn grieven en overhandigde een operatieverslag uit 2004. Het UWV stelde dat de beoordeling gebaseerd was op een belastbaarheidspatroon uit 1999 en corrigeerde de maatman van 40 naar 50 uur per week, met een verlies aan verdiencapaciteit van 60%. Het gewijzigde besluit op bezwaar stelde de arbeidsongeschiktheid vast op 55-65%.
De Raad oordeelde dat het hoger beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk was vanwege de wijze van toezending en dat het beroep mede gericht moest worden tegen het gewijzigde besluit. De Raad vond de arbeidskundige grondslag van het gewijzigde besluit juist en oordeelde dat appellant niet meer beperkt was dan vastgesteld. Het beroep werd ongegrond verklaard en het UWV werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen het eerste besluit is niet-ontvankelijk en het beroep tegen het gewijzigde besluit wordt ongegrond verklaard met vaststelling van arbeidsongeschiktheid op 55-65%.