Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2007:AZ9858

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
1 maart 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
06/2972 AOW
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75 AwbRemigratiewet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging besluit Sociale verzekeringsbank wegens motiveringsgebrek en proceskostenveroordeling

Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam waarbij bezwaar tegen een besluit van de Sociale verzekeringsbank (Svb) ongegrond werd verklaard. Het bestreden besluit betrof de afwijzing van het recht op basisvoorziening en remigratievoorziening ingevolge de Remigratiewet.

Tijdens de zitting heeft de Svb erkend dat het bestreden besluit niet langer gehandhaafd kan worden vanwege een geconstateerd motiveringsgebrek. De Centrale Raad van Beroep heeft daarop de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit vernietigd voor zover deze in hoger beroep zijn aangevochten.

Daarnaast heeft de Raad de Svb veroordeeld tot betaling van de proceskosten van appellant, begroot op in totaal €966,--, en tot vergoeding van het betaalde griffierecht. De uitspraak werd gedaan door G. van der Wiel en uitgesproken in het openbaar op 1 maart 2007.

Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens motiveringsgebrek en de Sociale verzekeringsbank wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierecht.

Uitspraak

06/2972 AOW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
U I T S P R A A K
op het hoger beroep van:
[appellant], wonende te [woonplaats] (hierna: appellant),
tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 13 april 2006, 05/172 (hierna: aangevallen uitspraak),
in het geding tussen:
appellant
en
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (hierna: Svb).
Datum uitspraak: 1 maart 2007.
I. PROCESVERLOOP
Namens appellante heeft mr. D. Grégoire, advocaat te Sittard, hoger beroep ingesteld.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 25 januari 2007, waar appellant met voorafgaand schriftelijk bericht niet is verschenen. Voor de Svb - daartoe ambtshalve opgeroepen - is verschenen J.Y. van den Berg, werkzaam bij de Sociale verzekeringsbank.
II. OVERWEGINGEN
De Raad stelt voorop dat het hoger beroep zich niet richt tegen dat onderdeel van de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit waarbij het bezwaar tegen de bij besluit van 15 juni 2004 gedane mededeling van de Svb, dat appellant geen recht heeft op de basisvoorziening en remigratievoorziening ingevolge de Remigratiewet, ongegrond is verklaard.
De Svb heeft ter zitting desgevraagd aangegeven het bestreden besluit in verband met een geconstateerd motiveringsgebrek niet langer te handhaven. Daarin ziet de Raad reden de aangevallen uitspraak en het bestreden besluit voorzover in hoger beroep aangevochten te vernietigen.
De Raad acht termen aanwezig om met toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht de Svb te veroordelen in de proceskosten van appellant. Deze kosten worden begroot op € 322,-- voor verleende rechtsbijstand in bezwaar, op € 322,-- voor verleende rechtsbijstand in beroep en op € 322,-- voor verleende rechtsbijstand in hoger beroep, totaal € 966,--.
III. BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep;
Recht doende:
Vernietigt de aangevallen uitspraak voorzover aangevochten;
Verklaart het beroep gegrond en vernietigt het bestreden besluit voorzover aangevochten;
Veroordeelt de Svb in de proceskosten van appellant tot een bedrag groot € 966,--, te betalen door de Sociale verzekeringsbank aan de griffier van de Raad;
Bepaalt dat de Sociale verzekeringsbank het door appellant betaalde griffierecht van € 142,-- vergoedt.
Deze uitspraak is gedaan door G. van der Wiel. De beslissing is, in tegenwoordigheid van R.E. Lysen als griffier, uitgesproken in het openbaar op 1 maart 2007.
(get.) G. van der Wiel.
(get.) R.E. Lysen.
PR/230207