ECLI:NL:CRVB:2007:AZ9879
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens overschrijding beroepstermijn
Appellante stelde beroep in tegen een besluit van het UWV, maar deed dit na het verstrijken van de wettelijke beroepstermijn van zes weken. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding. Appellante voerde in hoger beroep aan dat medische omstandigheden, waaronder paniekstoornissen en recente bevalling, haar verhinderden tijdig te reageren.
De Raad stelde vast dat de beroepstermijn liep van 8 juli 2004 tot 18 augustus 2004 en dat het beroepschrift pas op 21 september 2004 was ingediend. Hoewel appellante medische verklaringen overlegde, oordeelde de Raad dat deze onvoldoende concreet en geobjectiveerd waren om de termijnoverschrijding te verontschuldigen. De Raad vond dat appellante niet de gehele periode onmachtig was haar belangen te behartigen.
De Raad bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank dat de overschrijding onverschoonbaar was en wees het beroep af. Tevens zag de Raad geen aanleiding tot veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.