ECLI:NL:CRVB:2007:AZ9974
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks onvoldoende onderzoek linkerpolsklachten
Appellant stelde hoger beroep in tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering te herzien naar een arbeidsongeschiktheidsklasse van 15 tot 25%. De rechtbank had het beroep gegrond verklaard vanwege het ontbreken van een deugdelijke arbeidskundige toelichting in het oorspronkelijke besluit, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand.
In hoger beroep voerde appellant aan dat onvoldoende onderzoek was verricht naar zijn linkerpolsklachten en klachten aan de linkerkant van zijn lichaam, waardoor hij niet in staat zou zijn de voorgestelde functies te vervullen. De Raad overwoog dat de medische beoordeling zorgvuldig en weloverwogen was, mede op basis van rapportages van verzekeringsartsen en een neuroloog.
De arbeidskundige toelichting werd alsnog in beroep gegeven, waardoor inzicht werd verschaft in de gronden van het bestreden besluit. De Raad vond geen aanleiding om het besluit te vernietigen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit tot herziening van de WAO-uitkering en verklaart het hoger beroep ongegrond.