ECLI:NL:CRVB:2007:BA0440
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vordering meerinkomen en OV-studentenkaart volgens Wet studiefinanciering 2000
Appellante stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank die een vordering wegens meerinkomen en het bezit van een OV-studentenkaart in 2001 ongegrond verklaarde. De IB-Groep had deze vordering opgelegd vanwege overschrijding van de inkomensgrens en het onrechtmatig gebruik van de OV-studentenkaart.
Appellante voerde aan dat zij destijds verkeerd was voorgelicht door medewerkers van het steunpunt van de IB-Groep over de gevolgen van het aanvragen van een nullening, maar kon dit niet meer bewijzen. De Raad oordeelde dat er geen zekerheid bestond over de vraagstelling of het gegeven antwoord, en verwierp deze grief.
De Raad bevestigde dat de opgelegde vorderingen volledig in overeenstemming waren met de Wet studiefinanciering 2000. De aangevallen uitspraak werd daarmee bekrachtigd en er werd geen vergoeding van proceskosten toegekend.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vordering wegens meerinkomen en het bezit van de OV-studentenkaart en wijst het hoger beroep af.