ECLI:NL:CRVB:2007:BA0464
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens geschiktheid voor eigen werk
Appellant was werkzaam als medewerker roomservice/kelner en viel uit wegens fysieke en psychische klachten. Na een periode van arbeidsongeschiktheid werd hem een WAO-uitkering toegekend met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 35 tot 45%. Bij een herbeoordeling werd de uitkering ingetrokken omdat appellant volgens medische beoordeling minder dan 15% arbeidsongeschikt was.
Appellant voerde in bezwaar en hoger beroep aan dat zijn klachten, waaronder hyperventilatie en paniekstoornissen, onvoldoende waren meegewogen en dat de voorbereiding van het bezwaar onzorgvuldig was. Ook stelde hij dat hij niet in staat was zijn eigen werk of het aangepaste werk als barman naar behoren te verrichten.
De Raad oordeelde dat de medische beoordeling zorgvuldig was uitgevoerd, inclusief een eigen onderzoek door de bezwaarverzekeringsarts en het betrekken van behandelgegevens. De Raad vond geen aanleiding om te twijfelen aan de medische grondslag van het besluit en verwierp de stellingen van appellant en zijn werkgever. De intrekking van de WAO-uitkering werd bevestigd omdat appellant op objectieve medische gronden geschikt werd geacht voor zijn eigen werk.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wordt bevestigd omdat appellant geschikt wordt geacht voor zijn eigen werk.