ECLI:NL:CRVB:2007:BA1097
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- Rechtspraak.nl
Niet-bevoegdheid Sociale Verzekeringsbank voor beslissing afkoopsom LIW
Betrokkene verzocht op 29 januari 2004 om uitbetaling van een afkoopsom op grond van de Liquidatiewet Invaliditeitswetten (LIW) wegens geplakte rentezegels door haar echtgenoot. De Sociale Verzekeringsbank (appellant) wees dit verzoek op 13 februari 2004 af wegens verjaring. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond en vernietigde het besluit, waarbij zij appellant opdroeg een nieuw besluit te nemen.
Appellant gaf later aan dat de LIW per 1 januari 2002 was ingetrokken en dat hij daarom niet meer bevoegd was om over de aanvraag te beslissen. De Centrale Raad van Beroep bevestigde dit standpunt en oordeelde dat appellant de afwijzing had moeten herroepen en betrokkene had moeten informeren over zijn gebrek aan bevoegdheid. De rechtbank had ten onrechte uitspraak gedaan op basis van artikel 57a LIW.
De Raad vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank en besloot zelf in de zaak te voorzien door appellant te verplichten zijn bevoegdheid te erkennen en betrokkene te informeren dat hij niet bevoegd is om te beslissen over de aanvraag. Tevens werd het door betrokkene betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt het besluit en oordeelt dat de Sociale Verzekeringsbank niet bevoegd is om te beslissen over de aanvraag afkoopsom LIW.