ECLI:NL:CRVB:2007:BA1283
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WAO-uitkering wegens volledige arbeidsongeschiktheid bij aanvang verzekering
Appellante trad op 1 juni 1999 in dienst als lokaal-assistente en meldde zich op 8 september 1999 ziek. Haar aanvraag voor een WAO-uitkering werd door het UWV afgewezen omdat zij bij de aanvang van de WAO-verzekering volledig arbeidsongeschikt was. Deze afwijzing was gebaseerd op een psychiatrisch onderzoek door dr. J.D.J. Tilanus.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij op 1 juni 1999 niet volledig arbeidsongeschikt was en betwistte daarmee de bevoegdheid van het UWV om de uitkering te weigeren op grond van artikel 30, eerste lid, sub a, van de WAO. De rechtbank verwierp dit verweer en oordeelde dat de medische stukken, met name het rapport van Tilanus, voldoende en ondubbelzinnig bewijs leverden van volledige arbeidsongeschiktheid bij aanvang van de verzekering.
De Centrale Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank. Appellante bracht geen tegenstrijdige medische gegevens in die de conclusies van Tilanus konden weerleggen. De behandelend arts van appellante onderschreef de diagnose van Tilanus en onthield zich van een oordeel over diens conclusies. Het hoger beroep werd daarom verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de WAO-uitkering wegens volledige arbeidsongeschiktheid bij aanvang van de verzekering.