ECLI:NL:CRVB:2007:BA1475
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen vaststelling arbeidsongeschiktheid en dagloon in WAO-uitkering
Appellante, werkzaam als bloemstekster, viel uit wegens klachten na een val van een trap. Het UWV kende haar een WAO-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheid van 25-35% en een dagloon van €35,73. Appellante maakte bezwaar tegen de medische beoordeling en dagloonvaststelling. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep herhaalde appellante haar bezwaren. De Raad beoordeelde medische rapportages, waaronder die van de huisarts die sprak van een ernstige vitale depressie, en concludeerde dat het UWV onvoldoende rekening had gehouden met deze ernstigere beperkingen. De arbeidsdeskundige had functies geselecteerd die appellante zou kunnen verrichten, maar de Raad achtte de medische onderbouwing onvoldoende gemotiveerd.
De Raad vernietigde het besluit over de mate van arbeidsongeschiktheid en beval het UWV een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens werden de proceskosten van appellante toegewezen en het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende medische motivering en het UWV moet een nieuw besluit nemen.