ECLI:NL:CRVB:2007:BA1536
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering ondanks zwangerschap en medische klachten
Appellante werkte als voorlichtster en viel in 1997 uit wegens klachten, waaronder bekkeninstabiliteit. Zij ontving een WAO-uitkering op basis van 80-100% arbeidsongeschiktheid. Het UWV trok de uitkering in juni 2003 in, omdat zij met geschikte arbeid minder dan 15% verlies aan verdiencapaciteit zou hebben.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond, waarbij zij de medische en arbeidskundige beoordelingen van het UWV volgde. Appellante stelde in hoger beroep dat zij binnenkort geopereerd zou worden en ernstige beperkingen had, zoals niet kunnen fietsen en slechts 250 meter kunnen lopen.
De Raad overwoog dat de medische beoordeling van het UWV, inclusief de beperkingen en urenbeperking, voldoende rekening hield met haar lichamelijke en psychische klachten. Haar zwangerschap op het moment van intrekking was geen reden voor een ander oordeel. Ook toekomstige operaties en verslechteringen na de peildatum speelden geen rol.
De Raad bevestigde dat appellante met de geformuleerde beperkingen in staat is om bepaalde functies te verrichten waarmee zij voldoende inkomen kan verwerven. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering en verklaart het hoger beroep ongegrond.