ECLI:NL:CRVB:2007:BA2403
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.C. Schoemaker
- G. van der Wiel
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- Rechtspraak.nl
Bevestiging indeling grote werkgever bij overgang van onderneming voor premiedifferentiatie WAO
Appellante nam per 4 augustus 2003 een gefailleerd bedrijf over en werd door het Uwv ingedeeld als grote werkgever voor de premiejaren 2003 en 2004 op basis van de premieloonsom van de overgenomen onderneming in de jaren 2001 en 2002. Appellante voerde aan dat volgens de tekst van het Besluit premiedifferentiatie WAO alleen haar eigen premieloonsom beslissend is voor de indeling, niet die van de overgenomen onderneming.
De rechtbank oordeelde dat bij overgang van onderneming de loonsom van de overgenomen onderneming moet worden toegerekend aan de verkrijgende werkgever en dat dit ook geldt voor de vaststelling van de categorie grote of kleine werkgever. De Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel en wijst erop dat de wetsgeschiedenis en het Besluit zelf deze toerekening beogen, en dat zonder deze toerekening artikel 8 van Pro het Besluit zinledig zou worden.
De Raad concludeert dat appellante terecht als grote werkgever is aangemerkt en dat het hoger beroep ongegrond is. Er worden geen proceskosten toegekend. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de indeling van appellante als grote werkgever wordt bevestigd.