ECLI:NL:CRVB:2007:BA2727
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WAO-uitkering wegens geschiktheid voor gangbaar werk
Appellante heeft haar werk als medewerkster huishoudelijke diensten moeten staken wegens rug-, schouder- en spanningsklachten. Na afloop van de wettelijke wachttijd werd een WAO-uitkering geweigerd omdat zij geschikt werd geacht voor gangbaar werk.
Na een melding van toegenomen arbeidsongeschiktheid in 2003 werd zij medisch onderzocht en werden beperkingen vastgesteld in een Functionele Mogelijkheden Lijst (FML). Op basis daarvan selecteerde een arbeidsdeskundige functies waarmee appellante voldoende inkomen kan verdienen, waardoor haar arbeidsongeschiktheid minder dan 15% bedraagt.
De rechtbank heeft het bezwaar van appellante tegen de weigering afgewezen. In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep de aangevallen uitspraak bevestigd, omdat geen objectief-medische gegevens zijn overgelegd die het medische oordeel ondergraven. De Raad acht de geselecteerde functies passend binnen de vastgestelde belastbaarheid.
De Raad ziet geen reden om af te wijken van het bestreden besluit en bevestigt de weigering van de WAO-uitkering. Appellante noch haar gemachtigde zijn verschenen bij de zitting, terwijl het UWV zich heeft laten vertegenwoordigen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de WAO-uitkering omdat appellante geschikt wordt geacht voor gangbaar werk.