ECLI:NL:CRVB:2007:BA2884
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J. Riphagen
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar WAO-uitkering per 1 augustus 2002 in te trekken wegens een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep herhaalde appellante haar bezwaren en stelde dat de uitspraak in strijd was met artikel 8:66 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) vanwege een overschrijding van de termijn.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de enkele overschrijding van de termijn in artikel 8:66 Awb Pro een termijn van orde betreft en niet leidt tot vernietiging van de uitspraak. Het verzoek tot toekenning van een forfaitaire schadevergoeding wegens onrechtmatige overheidsrechtspraak werd afgewezen.
Verder concludeerde de Raad dat de aangevoerde nieuwe argumenten onvoldoende waren onderbouwd met medische gegevens en geen aanleiding gaven tot een ander oordeel dan de rechtbank. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de intrekking van de WAO-uitkering bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid wordt bevestigd.