ECLI:NL:CRVB:2007:BA2967
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit herziening WAO-uitkering en toekenning proceskosten
Appellante, die sinds 1998 wegens RSI arbeidsongeschikt is, kreeg in 1999 een WAO-uitkering toegekend van 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid. In 2003 werd deze uitkering herzien naar 55 tot 65%, wat door het UWV bij besluit 1 werd bevestigd ondanks bezwaar van appellante. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
Na nader arbeidskundig onderzoek door bezwaararbeidsdeskundige Habets stelde het UWV bij besluit 2 de mate van arbeidsongeschiktheid vast op 65 tot 80%. De Raad oordeelt dat besluit 1 onjuist was en vernietigt dit, maar verklaart het beroep tegen besluit 2 ongegrond omdat dit besluit rechtsgeldig is.
De medische beoordeling door verzekeringsarts Huijsmans werd als juist beoordeeld, waarbij rekening werd gehouden met de beperkingen en het dagelijks functioneren van appellante. De Raad veroordeelt het UWV tot vergoeding van proceskosten en wijst het verzoek om wettelijke rente over de na te betalen uitkering toe.
Uitkomst: Besluit 1 wordt vernietigd, besluit 2 blijft in stand, UWV wordt veroordeeld tot proceskosten en wettelijke rente.