ECLI:NL:CRVB:2007:BA2969
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J.S. Spaas
- C.W.J. Schoor
- C.P.M. van de Kerkhof
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening WAO-uitkering ondanks betwisting geschiktheid functies
Appellant, laatstelijk werkzaam als kwekerijmedewerker, ontving een WAO-uitkering die bij besluit van 7 december 1999 werd herzien naar een arbeidsongeschiktheidspercentage van 15-25% met ingang van 25 januari 2000. Na eerdere vernietiging van een besluit wegens ondeugdelijke motivering, verklaarde de rechtbank Amsterdam bij uitspraak van 20 april 2005 het bezwaar van appellant tegen deze herziening ongegrond.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was en dat de geselecteerde functies medisch niet geschikt voor hem waren. De Raad oordeelde echter dat de rechtbank de juiste overwegingen had gemaakt en dat het UWV voldoende rekening had gehouden met de beperkingen van appellant, waaronder de noodzaak om vaker naar het toilet te gaan vanwege diabetes.
De Raad liet de in februari 2007 overgelegde medische gegevens buiten beschouwing omdat deze geen betrekking hadden op de datum in geschil. Ook werd vastgesteld dat de functies meubelspuiter, printplatenmonteur en confectienaaier actueel en passend waren. De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en zag geen aanleiding tot toepassing van artikel 8:75 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit van het UWV om de WAO-uitkering van appellant te herzien naar 15-25% arbeidsongeschiktheid.