ECLI:NL:CRVB:2007:BA3496
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- R.C. Stam
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering en vergoeding wettelijke rente na hoger beroep
Appellante stelde hoger beroep in tegen een besluit van het UWV waarbij haar WAO-uitkering was verlaagd naar 15-25% arbeidsongeschiktheid per 17 september 2003. De rechtbank had het beroep tegen het primaire besluit van 14 januari 2004 gegrond verklaard en het UWV veroordeeld tot betaling van renteschade en proceskosten, maar het beroep tegen het latere besluit van 25 oktober 2004 ongegrond verklaard.
Tijdens het hoger beroep wijzigde het UWV het besluit van 25 oktober 2004 en kende appellante een volledige WAO-uitkering toe, waarbij zij werd aangemerkt als 80-100% arbeidsongeschikt. De Raad stelde vast dat het UWV hiermee aan het beroep tegemoet was gekomen en vernietigde het besluit van 25 oktober 2004.
De Raad veroordeelde het UWV tot vergoeding van de wettelijke rente over de na te betalen uitkering en tot betaling van de proceskosten van appellante, begroot op € 322,--. Tevens werd het griffierecht van € 103,-- aan appellante vergoed. Appellante was niet verschenen bij de zitting, het UWV werd vertegenwoordigd.
Deze uitspraak bevestigt het belang van het recht op een correcte herziening van sociale zekerheidsuitkeringen en de vergoeding van wettelijke rente bij te late betaling.
Uitkomst: Het besluit van het UWV tot verlaging van de WAO-uitkering is vernietigd en het UWV is veroordeeld tot betaling van wettelijke rente en proceskosten aan appellante.