ECLI:NL:CRVB:2007:BA3683
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep tegen herziening WAO-uitkering wegens intrekking besluit UWV
Appellant ging in hoger beroep tegen een besluit van het UWV waarbij zijn WAO-uitkering werd herzien van 80-100% arbeidsongeschiktheid naar minder dan 15% per 28 januari 2004. De rechtbank Haarlem verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat zijn beperkingen waren onderschat en dat hij de voorgestelde functies niet kon vervullen.
Tijdens het hoger beroep gaf het UWV bij brief aan het eerdere besluit van 21 april 2004 niet langer te handhaven en verklaarde het bezwaar van appellant gegrond, waardoor hij ongewijzigd 80-100% arbeidsongeschikt werd geacht. Appellant liet vervolgens weten geen belang meer te hebben bij een inhoudelijke behandeling van zijn zaak.
De Raad oordeelde dat het belang bij het hoger beroep was komen te vervallen en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk. Daarnaast veroordeelde de Raad het UWV tot betaling van proceskosten en vergoedingen voor rechtsbijstand en medische rapporten aan appellant.
De uitspraak werd gedaan door J. Janssen en uitgesproken op 13 april 2007. Het hoger beroep richtte zich op het besluit van het UWV van 21 april 2004, dat was herzien en later ingetrokken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard nadat het UWV het eerdere besluit introk en appellant geen belang meer had bij behandeling.