ECLI:NL:CRVB:2007:BA4617
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- J.G. Treffers
- M. Greebe
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens voldoende belastbaarheid voor gangbare arbeid
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering, die was berekend op een arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, met ingang van 23 december 2002 in te trekken. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat appellant in staat was de voorgehouden functies te vervullen zonder dat de belasting zijn belastbaarheid overschreed.
Appellant stelde in hoger beroep dat hij vanwege zijn beperkingen niet volledig kon werken en onderbouwde dit met medische rapporten van specialisten. De Raad stelde vast dat appellant geen nieuwe medische stukken had overgelegd die het eerdere oordeel konden ondermijnen. De Raad onderschreef de motivering van de verzekeringsartsen en de rechtbank dat de beperkingen van appellant niet zodanig waren dat hij niet tot gangbare arbeid in staat was.
De Raad concludeerde dat het bestreden besluit zorgvuldig was genomen en bevestigde de intrekking van de WAO-uitkering. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 27 april 2007, waarbij appellant niet was verschenen.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 23 december 2002 wordt bevestigd omdat appellant in staat werd geacht gangbare arbeid te verrichten.