ECLI:NL:CRVB:2007:BA5765
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit UWV over WAO-uitkering wegens onvoldoende motivering beperkingen
Appellant, sinds 1976 arbeidsongeschikt, ontving een WAO-uitkering die meerdere malen werd herzien. Laatstelijk was de mate van arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 80-100%. Appellant betwistte dat zijn beperkingen juist waren ingeschat en voerde aan dat er sprake was van meer en zwaardere beperkingen. Het UWV handhaafde het besluit na advies van een bezwaarverzekeringsarts en arbeidsdeskundige.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat in de functionele mogelijkhedenlijst ((k)FML) sprake was van verborgen beperkingen die niet voldoende inzichtelijk en toetsbaar waren gemotiveerd. Dit leidde tot strijd met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De Raad stelde vast dat het UWV geen compleet overzicht had gegeven van alle beperkingen en toelichtingen, waardoor het besluit niet deugdelijk was.
Daarom vernietigde de Raad het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep gegrond en bepaalde dat het UWV een nieuwe beslissing op bezwaar moet nemen met inachtneming van de overwegingen. Tevens werd het UWV veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het UWV wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en het UWV moet een nieuwe beslissing nemen.