ECLI:NL:CRVB:2007:BA5946
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- R.C. Stam
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zorgvuldigheid medisch onderzoek bij intrekking WAO-uitkering wegens rugklachten
Betrokkene viel in oktober 2000 uit wegens rugklachten en kreeg in oktober 2001 geen WAO-uitkering omdat hij minder dan 15% arbeidsongeschikt werd geacht. Na herplaatsing viel hij in april 2003 opnieuw uit. Appellant voerde een medisch onderzoek uit en concludeerde dat betrokkene met passende werkzaamheden geen inkomensverlies leed, waarna de WAO-uitkering werd geweigerd.
De rechtbank oordeelde dat appellant niet had onderzocht of sprake was van een situatie als bedoeld in artikel 43a van de WAO, namelijk of de arbeidsongeschiktheid voortkwam uit dezelfde ziekteoorzaak en of er sprake was van toename van beperkingen. Hierdoor zou het onderzoek onzorgvuldig zijn geweest en vernietigde de rechtbank het besluit.
De Centrale Raad van Beroep stelt echter vast dat appellant dit artikel wel degelijk heeft toegepast en dat het onderzoek zorgvuldig is verricht, mede gelet op aanvullende medische rapporten. De Raad vindt geen aanwijzingen dat de beperkingen onjuist zijn vastgesteld of dat de aangenomen passende functies niet passend zijn.
De Raad vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van appellant ongegrond, waarmee het besluit tot weigering van de WAO-uitkering in stand blijft.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het besluit tot weigering van de WAO-uitkering blijft in stand.