ECLI:NL:CRVB:2007:BA6601
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.A. Hoogeveen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen afwijzing WW-uitkering wegens termijnoverschrijding
Appellant diende bezwaar in tegen de afwijzing van zijn WW-uitkering door het UWV, omdat hij volgens eigen zeggen niet beschikbaar was voor werk. Het bezwaar werd echter niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige indiening. De rechtbank stelde vast dat het bezwaarschrift pas na de termijn was gepost, gebaseerd op het poststempel.
In hoger beroep herhaalde appellant dat hij het bezwaarschrift tijdig had gepost en dat vertraging bij de post buiten zijn invloedssfeer lag. De Centrale Raad van Beroep volgde echter de rechtbank en oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het bezwaar tijdig was ingediend. De Raad benadrukte dat het risico van niet aangetekend verzenden voor appellant blijft.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en zag geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen. De uitspraak werd gedaan door rechter M.A. Hoogeveen op 23 mei 2007.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de afwijzing van de WW-uitkering wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige indiening.