ECLI:NL:CRVB:2007:BA7514
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging WAO-uitkering wegens geschiktheid voor andere arbeid
Appellant ging in hoger beroep tegen de verlaging van zijn WAO-uitkering, omdat hij door ziekte beperkingen ondervindt in zijn oorspronkelijke functie als touringcarchauffeur. De rechtbank had het beroep gegrond verklaard en het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen in stand gelaten. De Raad toetste de toepassing van artikel 8:72, derde lid, Awb en onderschreef het oordeel van de rechtbank dat appellant geschikt is voor andere arbeid met een werkweek van 40 uur.
De Raad vond geen aanleiding om af te wijken van het medisch oordeel dat appellant niet volledig arbeidsongeschikt is en dat het resterende loonverlies ongeveer 41,5% bedraagt. De arbeidskundige rapportage gaf voldoende inzicht dat de belasting van de als geschikt aangemerkte functies de belastbaarheid van appellant niet overschrijdt. Er was geen noodzaak voor overleg tussen arbeidsdeskundige en verzekeringsarts.
De Raad bevestigde de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten en zag geen reden tot proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door R.C. Stam op 15 juni 2007, na behandeling op 4 mei 2007, waarbij appellant aanwezig was en het UWV zich niet liet vertegenwoordigen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de verlaging van de WAO-uitkering wegens geschiktheid voor andere arbeid.