ECLI:NL:CRVB:2007:BA8597
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Janssen
- Rechtspraak.nl
Herroeping intrekking WAO-uitkering wegens gewijzigde arbeidsongeschiktheid
Appellant maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering per 13 januari 2002 in te trekken vanwege een arbeidsongeschiktheid van minder dan 15%. Het bezwaar werd ongegrond verklaard en de rechtbank wees het beroep af. In hoger beroep benoemde de Raad een deskundige die een rapport uitbracht. Naar aanleiding hiervan wijzigde het UWV haar standpunt en stelde zij de arbeidsongeschiktheid van appellant alsnog op 80 tot 100%.
De Raad stelde vast dat hierdoor geen geschil meer bestond over de mate van arbeidsongeschiktheid en vernietigde het bestreden besluit en de aangevallen uitspraak. De Raad herroept het primaire besluit en laat de uitkering ongewijzigd doorlopen. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot betaling van proceskosten aan appellant.
De procedure kenmerkte zich door het heropenen van het onderzoek en het benoemen van een deskundige, waarna het UWV haar standpunt wijzigde. De Raad benadrukte dat het hoger beroep niet werd ingetrokken omdat het UWV geen nieuwe beslissing op bezwaar had genomen. Het oordeel van de Raad leidde tot een gunstige uitkomst voor appellant met volledige handhaving van zijn WAO-uitkering.
Uitkomst: Het primaire besluit tot intrekking van de WAO-uitkering wordt herroepen en de uitkering wordt voortgezet op basis van 80 tot 100% arbeidsongeschiktheid.