ECLI:NL:CRVB:2007:BA9102
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- D.J. van der Vos
- J.W. Schuttel
- A.T. de Kwaasteniet
- Rechtspraak.nl
Beoordeling hernieuwde WAO-uitkering en motivering bezwaarverzekeringsarts
De zaak betreft het hoger beroep van het UWV tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam die het besluit tot intrekking van een WAO-uitkering vernietigde wegens onvoldoende motivering door de bezwaarverzekeringsarts. De intrekking was gebaseerd op de conclusie dat betrokkene ondanks beperkingen geschikt was voor arbeid.
De Raad oordeelt dat de bezwaarverzekeringsarts wel degelijk de rapportages van de behandelend psychiater heeft betrokken en dat de medische beperkingen van betrokkene juist zijn ingeschat. De functionele mogelijkhedenlijst en het overleg tussen arts en arbeidsdeskundige ondersteunen de geschiktheid voor arbeid.
De Raad ziet geen reden om de zaak terug te verwijzen en verklaart het hoger beroep van het UWV ongegrond. Tevens wordt geoordeeld dat er geen sprake is van een schending van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro, ondanks een periode van ruim drie jaar tussen bezwaar en uitspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep van het UWV wordt ongegrond verklaard en het besluit tot intrekking van de WAO-uitkering blijft gehandhaafd.